Om over na te denken Om over na te denken
Dit lied is oorspronkelijk in het Noors geschreven door Hans-Olav Moerk. De Engelse vertaling is dit voorjaar bewerkt door John L. Bell met het oog op de Corona-pandemie. Je hoort de angst in dit lied door die zoveel mensen heeft be-nauwd. Niet alleen toen er veel mensen ziek werden, maar ook nu tijdens de versoepelingen en iedereen zijn eigen weg moet zoeken. Ook het verdriet en het gemis klinken erin door. Ieder van ons heeft de afgelopen maanden op zijn of haar eigen manier beleefd, maar allemaal kunnen we ons wel iets bij deze woorden voor-stellen.

De tekst gaat over nu, en vooral ook over de tijd die gaat komen. Er spreekt een verlangen uit naar de tijd dat het mogelijk wordt elkaar weer onbekommerd te ontmoeten. De Engelse tekst is nog wat sterker dan deze Nederlandse vertaling. Daar begint het lied met ‘We will meet’. Wij zúllen elkaar weer ontmoeten. Wanneer weten we niet, maar het zal gebeuren. Het zijn woorden die getuigen van een hoop: ‘We will meet when the danger is over / we will meet when the sad days are done / we will meet sitting closely toge-ther and be glad our tomorrow has come.’
Over dit soort hoop gaat het vaak in de Bijbel. Geen vals optimisme, maar als stugge hoop. ‘En toch’, zijn de woorden die laten horen waar het bij hoop over gaat. Over het uitzien naar een nieuwe tijd die komt al geeft de realiteit daar op het moment geen aanleiding toe.

En toch …
Deze stugge hoop vinden we onder andere ver-woord in Psalm 126. De psalm eindigt als volgt:
                      
                       Zij die in tranen zaaien,
                       zullen oogsten met gejuich.
                        Wie in tranen op weg gaat,
                        dragend de buidel met zaad,
                                
                        zal thuiskomen met gejuich,
                        dragend de volle schoven.

Het is een sprekend beeld, dat je in tranen op weg bent. Iedereen kan erover meepraten dat onze weg door het leven niet altijd gemakkelijk is. Net zoals afgelopen maanden niet gemakkelijk zijn geweest. Al waren onze thuissituaties anders, wat ons bindt is dat we allemaal de angst en het ongemak hebben ervaren. Als we eerlijk tegen onszelf en anderen durven zijn, is ons leven niet altijd perfect en geweldig. Er zijn momenten en perioden waar het huilen je nader staat dan het lachen.

Het in tranen op weg gaan, is niet het hele beeld. Het beeld spreekt ook over een buidel met zaad. Al huilend op weg zijn met een buidel zaad. Kan je dan nog de belofte zien die schuil-gaat in het zaad? Zaad kan immers uitgroeien tot een flinke plant. Als je het zaad ziet, lijkt dat bijna onmogelijk want het lijkt dor en doods.
Zie hier de stugge hoop die het hart vormt van het christelijk geloof. Het brengt ons bij Pasen, bij Jezus die als zaad in de aarde gezaaid werd en vervolgens opstond. Dat zaad in de buidel herinnert ons eraan dat we hoop mogen houden, hoe moeilijk dat soms ook is.

Met een buidel met zaad zijn we op weg. We zien uit dat we juichend thuiskomen, met onze handen vol met de opbrengst van het zaad. Zo ver is het nu nog niet. Nu leven we van de belofte die schuilgaat in het zaad. Dwars door onze tranen heen mogen we hoop houden, want we zúllen elkaar weer ontmoeten.

ds. Alco Meesters?’
terug